© Rudy Claeys

In de Vierlingen leven twee zeldzame diersoorten die wat op elkaar lijken, maar in tegengestelde biotopen leven. Op de droge heide zoekt de levendbarende hagedis naar kriebelbeestjes, terwijl de kamsalamander in het water naar hapjes duikt.

Dit eeuwenoude jachtdomein straalt de pracht van de natuur uit. Naald- en loofbos wisselen er af met grasland, heide, moeras en waterpartijen. De naam is jagersdialect voor de wintertaling, een kleine eendensoort.

Onder de zandige bodem van het gebied rust een ondiepe kleilaag die grondwater aanvoert en bronbeekjes voedt. In afgedamde beekvalleitjes pronken enkele vijvers met waterlelies en fonteinkruiden, een paradijs voor libellen en amfibieën. 

Dankzij natuurgericht beheer ontstonden heideveldjes met zeldzame planten als koningsvaren en tormentil. In het gevarieerde bos leven vele soorten zangvogels, spechten en roofvogels. Of misschien ontdek je er eekhoorns of reeën tegen? 

Waar waterlelie en heide elkaar ontmoeten

DE VIERLINGEN (40 ha)

Bijzondere natuur